Belgique: Hugo Claus is dood. Leve het katholicisme!
Geplaatst door Vincent Kemme op donderdag 20 maart 2008 om 09:15u
Het kan u niet ontgaan zijn. Een der grootsten onder de Nederlandstalige schrijvers is overleden. Hugo Claus, vandaag misschien wel de op één na grootste Vlaming na pater Damiaan, heeft het aardse veld moeten ruimen. De Nobelprijs voor de literatuur kan hem nog hoogstens postuum worden toegekend. En hoe is hij gegaan? Door een man die met pillen langs zou komen, zo had hij zelf voorzegd. En in de berichtgeving wordt nog eens flink uitgehaald naar dat verrotte katholicisme, dat hij, om met Mulisch te spreken, zo haatte. Dat moge zo zijn. Maar Claus is nu dood en hoe lang zal hij nog gelezen worden. En het katholieke geloof leeft. Al tweeduizend jaar. Wat is er toch mis gegaan, dat hij dat geloof zo heeft misprezen?
Nu ga ik gelijk zeggen dat ik mij op zere glad ijs begeef. Want ik heb Claus niet gelezen. En Mulisch evenmin! Als de vierde zoon van een Utrechtse bibliothecaris moesten wij lezen, maar dat is er bij mij niet meer van gekomen; het moeten werkte bij mij eerder averechts. Als student kwam ik tot bekering en ontdekte de onuitputtelijke rijkdommen van het Roomse geloof, en dat heeft mij ook niet bepaald aangezet om deze gelauwerde schrijvers van vanuit katholiek oogpunt bezien bedenkelijk allooi te gaan ontdekken. Nog later verzeilde ik voor een belangrijk deel van mijn leven in het Franse taalgebied, en dan wordt de hedendaagse Nederlandse literatuur nog betrekkelijker dan zij al is. Ik weet niet of ik deze achterstand hier op aarde nog goed zal weten te maken, want ik heb Dantes Goddelijke Komedie ook nog op mijn verlanglijstje staan, en ‘The Complete Works’ van William Shakespeare liggen hier naar mij te lonken. En nog wat werken van Augustinus, Thomas van Aquino en anderen. Maar uitgaande van de commentaren op televisie kan ik mij toch wel een beetje een beeld vormen van wat Hugo Claus heeft bezield, een beetje, let wel.
Waar het me in deze column vooral om te doen is, is de manier waarop hij het katholieke geloof blijkbaar volledig verkeerd begrepen heeft. Wat ongelofelijk jammer! De strenge nonnen in West-Vlaanderen hebben hem blijkbaar niet de oneindige liefde van God weten over te brengen. Gestrengheid lijkt de boventoon te hebben gevoerd, gehoorzaamheid, tucht en discipline. Ik geef nu les op een school in Vlaams-Brabant die ooit wellicht ook zo streng is geweest - ik ben als Nederlander maar wat blij dat daar nog discipline is - en kan mij enigszins een beeld vormen van dat katholicisme van de jaren dertig, veertig en vijftig. Mijn moeder kan er ook van meespreken. De nonnen die haar in het Amsterdam van de jaren dertig trachtten op te voeden ‘achtervolgen’ haar nu nog. Het was waarschijnlijk een katholicisme dat meer door moralisme en tucht werd gekenmerkt dan door godsverbondenheid en barmhartige liefde. Ik was er niet bij, dus ik kan er niet echt over oordelen. Het zal niet allemaal kommer en kwel zijn geweest. Mijn vader, opgevoed door de missionarissen van Scheut, maar dan in Nederland, heb ik nooit over zijn kostschoolperiode of de paters horen klagen.
In de commentaren die vandaag tot ons komen, wordt het katholicisme afgeschilderd als een star stelsel van verboden, vooral op seksueel terrein. Wat hebben we op dit terrein veel goed te maken, wij katholieken. Seksualiteit zouden we moeten hebben presenteren als een groot geschenk, een ‘hoogstandje’ - excusez le mot - van Gods schepping! De vreugde van de seksualiteit, zo uitbundig beschreven en geportretteerd in de verfilmde boeken ‘Turks Fruit’ en ‘Zomerthitte’ van Jan Wolkers - ook niet gelezen, ‘Turks Fruit wel gezien, heb ik hier al eens eerder bekend - zou iets moeten zijn waar ook wij christenen, katholiek en protestant, met een gepaste vrijmoedigheid over zouden moeten durven spreken, een beetje zoals in het Hooglied. Om te beginnen binnen het huwelijk en dan met onze kinderen, met jongvolwassenen tijdens jongerenactiviteiten in kerkelijk verband, met jonge stelletjes die zich voorbereiden op een duurzame seksuele relatie met kinderen als mogelijk gevolg en tot de dood hen scheidt, met samenwonenden die hun seksuele en algehele relatie eens nader willen overdenken en met echtparen die worstelen met seksuele vragen of problemen binnen hun huwelijk. En met homoseksuelen die worstelen met hun seksuele gevoelens en niet op een veroordeling zitten te wachten omdat ze homoseksuele gevoelens hebben. Want als wij het niet doen... de schrijvers dezer aarde zullen het thema niet mijden, en behandelen naar hun eigen smaak en volgens de heersende moraal van hun tijd. En dan moet je maar afwachten welke vuiligheden ze aan de samenleving toevertrouwen. Geloof mag dus niet ontaarden in een bedremmeld wegduiken voor de wat delicatere onderwerpen in het leven als de seksualiteit, in tegendeel: vanuit het geloof in God bezien krijgen deze onderwerpen hun juiste duiding en hun glans, en dan is er geen sprake van dat het saai of preuts zou worden of moraliserend. Ik zou me kunnen voorstellen dat dat in een hele mooie roman zou kunnen uitmonden.
Hugo Claus is dood. God hebben zijn ziel. Hij zal daar boven nog wel een paar dingen uit te leggen hebben, dus laten we voor hem bidden. En het katholieke geloof leeft, alleen op dit moment niet zo erg in Vlaanderen, België, Nederland of Europa, maar wel in de andere werelddelen. Laten we er maar aan gaan staan om dat oude geloof opnieuw over het voetlicht te brengen, op een frisse manier, met alle facetten van het katholieke leven, ook dat van de intiemste zaken in het leven.